Zorgelijke abortusjaarcijfers

Geschrokken jong stel kijkt naar een zwangerschapstest in de badkamer

Vandaag, 12 oktober 2026, verschenen de jaarcijfers van de Wet Afbreking Zwangerschap over 2025.
Cijfers die over de volle breedte een zorgelijke reactie oproepen. In deze eerste reactie kijken we vooral naar de absolute aantallen, de abortusratio, de tienerzwangerschappen en de abortussen onder de Nederlandse vrouwen. De stijgingen moeten zelfs bij voorstanders van abortus vragen oproepen. Deze kunnen we niet negeren en afdoen met een eenvoudig “de rapportage laat een stabilisering zien van de abortusaantallen in Nederland”. Daarmee bagatelliseren we de zorgen die de rapportage zeer zeker oproepen!

Het aantal uitgevoerde abortussen in Nederland is verder gestegen naar 39.931. De stijging die in 2021 in werd gezet, gaat nog steeds door. In 2025 steeg het aantal met 493 abortussen. De cijfers over 2025 laten een toename zien van 28,6 procent ten opzichte van 2021.

Het aantal abortussen bij in Nederland wonende vrouwen was ook het afgelopen jaar hoger dan in 2024. Dat waren er bijna duizend (998) abortussen meer. Deze stijging zorgt er ook voor dat de abortusratio, dat is het aantal abortussen ten opzichte van 1.000 levend geboren kinderen, ook verder steeg in combinatie met lagere geboortecijfers. De abortusratio nam toe van 215 in 2024 naar 220 in 2025.
Terwijl de abortusratio in 2021 nog op 157 uit kwam.

In de jaarrapportage zijn dit jaar voor het eerst ook het aantal abortussen geregistreerd die louter via de huisartsen liepen. Sinds 1 januari mogen huisartsen de abortuspil voorschrijven. Het animo onder de huisartsen hiervoor is nog steeds bijzonder laag. Dat blijkt ook uit het aantal voorgeschreven abortuspillen. Nog geen 1% (0,85%) van de bijna 40.000 abortussen werden geregistreerd via huisartsen. Terwijl de Tweede Kamer voorgehouden werd dat 30 tot 60% van de 16.000 huisartsen hier aan mee zou gaan werken. Het percentage blijft rond de 4% steken waarbij een vijfde van de artsen recepten heeft uitgeschreven.

Een opmerkelijk stijging zien we ook bij de tienerzwangerschappen (jonger dan 15 jaar). Deze stegen in 2025 met maar liefst 151% van 65 naar 163. De grote vraag is waar deze toename vandaan komt?

Van alle uitgevoerde abortussen wordt in 43,4% gekozen voor de abortuspil, wat neer komt op 17.330 abortusbehandelingen. Bij 3,6% van deze behandelmethode doet de abortuspil niet wat deze moet doen. Er blijven delen van het kindje achter in de baarmoeder, waardoor er alsnog een instrumentele abortus moet worden uitgevoerd.

De complicaties na een abortus lijken ook dit jaar weer heel laag te zijn, er zijn slechts 4,2% complicaties geregistreerd op de 39.931 abortussen. Dit komt neer op 1.677 complicaties. Waarvan 618 incomplete abortussen na slikken van de abortuspil en 95 situaties waarbij de vrouwen meer dan 1 liter bloed verloren.

Wat het werkelijke aantal complicaties is, blijft onduidelijk. De rapportage meldt op pagina 22: “De registratie van complicaties is niet verplicht conform de Wafz. Complicaties manifesteren zich pas enkele dagen tot weken na de behandeling en registratie. Deze registratie geeft dus geen volledig beeld.” Alle vrouwen die naar een Eerste Hulppost gaan zijn volledig buiten beeld. Het is daarom onterecht om te zeggen dat abortus in Nederland een veilige behandeling is die voor weinig complicaties zorgt. Feit is, dat we dat simpelweg gewoon niet weten.

De cijfers in deze nieuwe jaarrapportage roepen vele vragen op.
Waarom blijven de aantallen maar stijgen? Waarom lukt het de overheid niet om de aantallen omlaag te krijgen? Waar komt de enorme stijging onder tieners vandaan? Hoe zit het nu echt met de complicaties bij abortus? En wat voor zin heeft het gehad dat huisartsen de abortuspil mogen gaan voorschrijven? Het animo was en is nog steeds laag terwijl de aantallen abortuspillen via de huisarts bijzonder laag zijn.

De overheid zal echt aan de slag moeten met deze vragen en kan deze rapportage niet zomaar naast zich neerleggen. Er worden in Nederland jaarlijks meer kinderen geaborteerd dan dat er inwoners in de stad Gorinchem wonen (39.060 inwoners[1]). Dat is een enorm aantal! Of liggen de minister en haar ministerie hier niet wakker van omdat zij het immers zien als gewone ‘zorg’?

  1. Ranglijst van de grootste en kleinste gemeenten in inwoners in Nederland | AlleCijfers.nl ↑